Verloren in de Tijd: Rauwe Hartstocht met Thylis in Mijn Appartement
Mardi 22 juin 2010, 23 h 30. Mijn salon. De tijdmachine zoemt nog na in de tuin. Thylis staat daar, haar bruine lokken warrig, jupilletje half omhooggekropen over haar strakke billen. Haar huid glanst van het zweet, na die wilde rit door de tijd. Ik voel het al borrelen. Hart bonkt als een razende trom. Haar ogen, donker en hongerig, boren in de mijne. Raoul belt ik net wakker, maar fuck dat. Zij komt dichterbij. Warmte straalt van haar af. Ik ruik haar, muskus en verre werelden. Hand op mijn borst. Nagels krassen licht. Bloed kookt. Ze fluistert: ‘Gufti, ik heb je gemist.’ Lippen raken mijn nek. Tong likt zout zweet. Mijn pik zwelt, drukt pijnlijk tegen broek. Ze lacht laag, duwt me op de bank. Knielt. Hand glijdt omlaag. Urgentie slaat toe. Alles rood. Verlangen verslindt rede. Aroel staart nieuwsgierig, maar ik zie alleen Thylis. Haar borsten, vol en zwaar, drukken tegen mijn dijen. Ik grijp haar haar, trek haar hoofd terug. Kijk in die poelen van lust. ‘Nu,’ grom ik. Ze bijt in mijn lip. Hartslag dondert in oren. Lichaam trilt. De koorts grijpt ons. Geen ontkomen meer.
Raoul arriveert, brult, maar kalmeert bij hun naakte schoonheid. Thylis zuigt hem al, maar draait zich naar mij. ‘Jouw beurt eerst.’ Ze rukt mijn rits open. Pik springt vrij, kloppend, druipend. Mond sluit eromheen. Warm, nat, gulzig. Ik kreun, heupen stoten omhoog. Ze slokt dieper, keel trilt. Hand knijpt ballen. Zweet gutst over rug. Ik ruk haar omhoog, scheur jupje weg. Naakt nu, huid gloeiend heet. Druk haar tegen muur. Borsten pletten tegen mijn borst. Hart tegen hart, razend. Been optillen, pik stoten in haar natte spleet. Ze gilt, nagels in rug. Wild stoten. Vlees klapt tegen vlees. Zweet mengt, plakt ons vast. ‘Dieper!’ hijgt ze. Ik ram harder, voel haar krimpen, melken. Tongen vechten, bijten. Haar geur, zilt en zoet, vult kamer. Raoul neukt Aroel elders, maar hier is ons vuur. Ik draai haar om, buig voorover. Billen spreiden, pik erin rammen. Hand op klit, wrijven razend. Ze schreeuwt, beeft, komt. Spieren knijpen pik fijn. Ik brul, pomp vol haar. Sperma spuit, vult haar. Nog stoten, melken tot leeg. Lichaam slaat op hol. Explosie. Totaal verlies controle.
De Koorts
We zakken neer, hijgend. Huid brandt nog, rood en bezweet. Haar hoofd op mijn borst, hartslag vertraagt traag. Sperma druipt uit haar, warm op dijen. Ik streel haar rug, voel trillen nagelaten. Raoul gromt voldaan elders. Rust daalt, maar gloed blijft. Iets unieks beleefd. Tijdreis-lust, rauwer dan ooit. Ze kust mijn tepel. ‘Jij bent de enige echte,’ fluistert ze. Ik knik, arm om haar. Wereld buiten vervaagt. Alleen dit: as van ons vuur, warm en eeuwig. Maar diep vanbinnen loeit het nog. Klaar voor meer.
Post Comment