Stoute Bekentenis: Mijn Cul op het Balkon voor Freddo’s Maanzotheid
Het is drie uur ‘s nachts in onze donkere slaapkamer, de balkondeuren wagenwijd open. De volle maan hangt laag, zilverwit licht glijdt over mijn naakte huid. Virgil is net vertrokken, zijn zaad nog warm tussen mijn dijen. Mijn kut pulseert na, rood en gezwollen. Ik glijd onder de lakens, één been bloot, pantoffel bungelend. Dan rinkelt de telefoon. Freddo’s stem, hijgend, opgewonden. “Chérie, Roxane’s balkon, maar de maan is weg. Toon je kul, recht tegenover. Ik neuk haar terwijl ik jou zie.” Woede kookt op, maar lager borrelt hitte. Mijn tepels verharden. Hartslag dreunt in mijn oren. Ik bijt op mijn lip, bloedrood. De nachtlucht ruikt naar seks en zweet. Ik sta op, huid gloeit. Controlesmelt. Naar het balkon, kont vooruit. Koude reling tegen borsten. Beneden de stad stil, maar in mij storm. Verlangen rood, alles bloedheet. Ik hoor kreunen van Roxane, schuin tegenover. Freddo’s lach, laag en hongerig. Mijn hand trilt, glijdt omlaag.
Daar sta ik, gebogen over de balustrade, kont hoog, wijd open voor zijn ogen. Maanlicht likt mijn billen, zweetdruppels parelen. Freddo duwt Roxane neer, haar kut glanst nat. Hij ramt erin, hard, ritmisch. Plakplak van vlees op vlees. Hun ogen vinden de mijne, brandend. Zijn pik glijdt uit en in, dik, glimmend. Mijn vingers duwen in mijn spleet, soppend. Klit zwellen, razend gevoelig. Hart bonst als een trommel, keel droog van hijgen. “Kijk naar mijn kul,” kreun ik, stem schor. Hij gromt, stoot dieper, Roxane jankt van genot. Warmte overspoelt me, dijen trillen. Zweet stroomt in mijn kontspleet. Zijn ballen slaan tegen haar, zwaar. Ik wrijf harder, vingers krom, diep. Lucht zwaar van muskus. Zijn pik zwelt, aders dik. Mijn kut knijpt om niets, hongerig. Kreunen mengen, nacht vult zich met ons beestengeluid. Hij trekt haar haar, ramt genadeloos. Mijn orgasme bouwt, razend, onstuitbaar. Huid brandt, zweet plakt. Urgentie pure razernij.
De Koorts
Hij brult, spuit in haar, dikke stralen. Roxane schokt, schreeuwt. Ik kom, kut spuitend, benen knikkend. Reling houdt me rechtop. Lucht trilt na. Hij trekt zich terug, zaad druipt uit haar. Onze blikken haken nog, voldaan, uitgeput. Ik glijd terug naar bed, huid tintelend, rood van wrijving. Lakens koel tegen hete billen. Hartslag zakt traag, bonzend echo. Zaad van Virgil droogt op, vermengd met mijn sappen. Freddo’s stem klinkt later, fluisterend door telefoon: “Jouw kul mooier dan maan.” Ik glimlach, loom. Lichaam zwaar, verzadigd. Iets unieks beleefd, randje gevaar, totale overgave. Slaap komt, dromen van balkons en manen. Morgen pijnlijke spieren, maar nu puur genotnasmeul. Rauwe nacht, verslindend, perfect.



Post Comment