Stoute Bekentenis: Lydia’s Hete Douche in Kinshasa

De douchewater klettert heet op mijn rug. Lydia’s lippen glijden van mijn pik, haar ogen glinsteren omhoog. Sperma druipt van haar kin, vermengd met schuim. Haar adem hijgt snel, borsten deinen op en neer. Ik grijp haar polsen, trek haar omhoog. Onze lichamen kleven, zweet en water mengen zich. Haar tepels hard tegen mijn borst. Hartslag dreunt in mijn oren, razend, onstuitbaar. Ik duw haar tegen de tegelmuur, koel contrast met onze hitte. Haar benen spreiden instinctief. Ik voel haar hitte, nat, pulserend. ‘Neuk me nu,’ fluistert ze hees, nagels in mijn schouders. Verlangen kookt over, rood waas voor mijn ogen. Geen remmen meer. Dit is het, totaal, verslindend.

Ze kronkelt, duwt haar heupen vooruit. Mijn vingers glijden in haar spleet, soppend nat. Ze kreunt laag, dierlijk. Warmte omhult me, strak, gulzig. Ik til haar op, benen om mijn middel. Haar kont klampt zich vast. Pik tegen haar ingang, glijdend, plagend. Dan stoot ik toe, diep, hard. Ze gilt, echo in de badkamer. Muren trillen mee. Haar binnenwanden knijpen, melken me. Ritme bouwt op, wild, ongecontroleerd. Water slaat in ons gezicht, zweet prikt in ogen. Ik ram door, ballen kletsend tegen haar. Ze bijt in mijn nek, bloedheet. ‘Dieper, harder!’ smeekt ze. Hart bonst als trommel, bloed raast. Geur van muskus, zeep, seks vult de stoom. Bewegingen versnellen, frenetiek. Haar clit wrijft tegen mijn schaambeen, ze trilt, spant aan.

De Koorts

Explosie komt als golf. Ze komt eerst, schokkend, schreeuwend mijn naam. Vloeistof spuit warm over mijn pik. Ik volg, pomp sperma diep in haar, pulserend, eindeloos. Lichaam zakt in elkaar, glijden omlaag op natte vloer. Ademhaling zwaar, hijgend. Haar hoofd op mijn borst, hartslag synchroniseert langzaam. Huid gloeit nog, bezweet, plakkerig. Ik streel haar rug, voel rillingen. ‘Dat was… alles,’ mompelt ze, lippen op mijn huid. We blijven liggen, water spoelt ons schoon. Geen spijt, alleen nasmeulende as. Iets unieks, voor altijd gebrand. Buiten loert de wereld, ANR, vader, maar hier, in deze cocon, zijn wij goden. Morgen weer werk, maar dit vuur dooft nooit helemaal.

Post Comment

You May Have Missed